U bent hier:

5. Aanpak

Inmiddels ben je in staat om in je lessen de kansen te herkennen waar je geletterdheidstaken kan inbouwen om het werken aan je vak- en lesdoelen te versterken. In stap 3 leerde je hoe je lezen en schrijven kan inbouwen in activerende werkvormen, zodat de leerlingen de inhouden van je les diepgaander verwerken. In stap 4 oefende je in het koppelen van geletterdheidstaken aan leerplandoelstellingen om de functionaliteit ervan nog te versterken.

Met andere woorden: in de voorbije knoppen stonden je vak- en lesdoelen centraal. Dat door het inbouwen van geletterdheidstaken in functie van die vak- en lesdoelen ook de lees-, schrijf-, reken- en ict-vaardigheid van de leerlingen groeit, zagen we vooral als een positief neveneffect. Die groei is echter niet zo vanzelfsprekend. Om ook werkelijk effect te hebben op de geletterdheid van je leerlingen, moet de taak aan een aantal voorwaarden voldoen.

In stap 5 staan we daarom stil bij de aanpak. We geven je 10(didactische) tips voor de opbouw, aanpak en ondersteuning van een geletterdheidstaak, die je kunnen helpen om zo'n taak krachtiger te maken én meer impact te hebben op de lees-, schrijf-, reken- en ict-vaardigheden van de leerlingen.

PO functionaliteit expliciteren

5.1. Expliciteer de functionaliteit

Waarom moeten we dit kennen? Wat kunnen we daar nu mee doen? Als leerkracht heb je die vragen ongetwijfeld al meer dan eens gekregen van je leerlingen. En ongetwijfeld ben ook jij al eens in een situatie verzeild geraakt waarin je je toevlucht moest nemen tot onbevredigende antwoorden, zoals "Omdat het leerstof is voor het examen".

De eerste tip voor een goede functionele geletterdheidsdidactiek luidt dan ook: maak de functionaliteit van je geletterdheidstaak zo zichtbaar mogelijk voor je leerlingen. Expliciteer in welke situaties (op school, bij de uitoefening van het latere beroep, op stage of in het maatschappelijke leven) ze dit type van geletterdheidstaken zullen moeten toepassen.

Een voorbeeld. Deze les PAV begint als volgt:

Bij het kennismakingsgesprek op je stageplek krijg je meestal de onthaalbrochure mee naar huis. De meeste bedrijven, instellingen en vzw’s hebben immers zo’n brochure voor studenten en voor nieuwe medewerkers. De onthaalbrochure is meestal vrij kort. Je zal in deze brochure zeker niet de antwoorden op al je vragen vinden. Wel kan je er algemene informatie lezen over de werking en organisatie van het bedrijf, de instelling of de vzw. Het is dan ook belangrijk dat je de brochure van je stageplaats grondig doorneemt. Zo zal je gerichtere vragen kunnen stellen aan je begeleider op de werkvloer.

Als voorbereiding op je stage lezen we daarom in deze les de ‘Onthaalbrochure voor nieuwe medewerkers en studenten’ van Home Elisabeth, een rust- en verzorgingstehuis in Sint-Truiden.

Klik HIER om de les te lezen. Klik HIER voor de bijlage bij de les.

Bekijk nu (nogmaals) de video-opname van de les Plastische Opvoeding over 'Mijn persoonlijk verhaal'. Deze les bevat erg krachtige functionele geletterdheidstaken. Jammer genoeg wordt de functionaliteit ervan weinig zichtbaar gemaakt in de les.  In een gesprek achteraf overlegt de docent met haar collega's wat er beter kan: hoe kan de functionaliteit van de geletterdheidstaken explicieter benoemd worden?

Klik HIER om de les te bekijken.

Klik HIER om het gesprek na de les te bekijken.

Verdieping

Meer weten over het expliciteren van functionaliteit? Klik HIER voor een tekst uit het Focustraject G-kracht van het Centrum voor Taal en Onderwijs KU Leuven over dit thema.

elektriciteit: gesloten stroomkring

5.2. Zorg voor uitdagende geletterdheidstaken

Zorg ervoor dat je geletterdheidstaken je leerlingen uitdaging bieden. Hoe kan je dat doen? Laat leerlingen vooral niet lezen of opzoekwerk verrichten om schoolse invulvraagjes op te lossen. Zorg ervoor dat ze de geletterdheidstaak moeten uitvoeren om een uitdagend probleem op te lossen of om een (levensecht) product af te leveren.

Enkele voorbeelden

  • In deze les Elektriciteit over 'de gesloten stroomkring' voeren de leerlingen een zoekopdracht uit op het internet en houden ze een logboek uit. Deze geletterdheidstaken staan in het teken van een uitdagend doel: ze hebben die informatie nodig om zelf een goed testapparaat te kunnen bouwen.

Verdieping

De eerder genoemde tekst uit het Focustraject G-kracht van het Centrum voor Taal en Onderwijs (KU Leuven) gaat ook in op het bieden van uitdaging. Klik HIER voor de tekst.

sociale kaart

5.3. Werk met casussen

Door te vertrekken vanuit een casus, waarin je een (fictieve maar levensechte) situatie of probleem beschrijft aan de leerlingen, voldoe je meteen aan tips 5.1 en 5.2: de functionaliteit van de taak is zichtbaar voor de leerlingen en ze werken meteen aan een levensecht probleem.

Hieronder vind je enkele voorbeelden van lessen waarin de geletterdheidstaak die de leerlingen moeten uitvoeren vertrekt vanuit een casus.

pasta maken

5.4. Zorg voor variatie aan geletterdheidstaken

Wanneer je je leerinhouden niet doceert, maar de leerlingen een leestekst aanreikt waaruit ze zelf de leerinhouden moeten afleiden, bouw je een functionele geletterdheidstaak in in je lessen. Maar als je elke les op die manier te werk gaat, zal de motivatie van je leerlingen al snel zakken.

Deze docent van de lerarenopleiding Voeding-Verzorging toont hoe het anders kan. Zij bouwt een grote variatie aan geletterdheidstaken in in de les. Bekijk de video en noteer welke verschillende geletterdheidstaken aan bod komen.

bouw je eigen brug

5.5. Laat leerlingen samenwerken

Een geletterdheidstaak wordt krachtiger als leerlingen kunnen samenwerken. Zeker voor hun lees-, schrijf-, reken- en ict-vaardigheden heeft dit grote voordelen. Je kan als leerkracht immers niet voortdurend aanwezig zijn om feedback te geven op elke individuele leerling en om te ondersteunen. Samenwerken biedt een uitweg:

  • Je kan heterogeen samengestelde groepen vormen waarin de taalsterkere leerlingen ondersteuning kunnen bieden aan de taalzwakkere leerlingen.
  • Je kan de groepen complementaire taken geven, waarbij de ene groep de informatie nodig heeft van de andere groep om het probleem te kunnen oplossen. Op die manier vergroot je de uitdaging en de functionaliteit.
  • Je kan de leerlingen elkaars werk laten feedbacken.

De volgende lessen illustreren hoe samenwerking de functionele geletterdheidstaken krachtiger maakt.

Verdieping

Meer weten over samenwerking? Klik HIER  voor een tekst uit het Focustraject G-kracht van het Centrum voor Taal en Onderwijs (KU Leuven) over samenwerking.

lezen

5.6. Ondersteun de leerlingen voor, tijdens en na het lezen

Heel wat leerlingen in het bso hebben een drempelvrees opgebouwd ten opzichte van het lezen van teksten. Ze hebben vaak al veel mislukkingservaringen achter de rug en gaan het lezen daardoor uit de weg.

Als je wil dat je leerlingen die drempelvrees overwinnen én groeien met betrekking tot hun leesvaardigheid moet je hen ondersteuning bieden bij het lezen. Op die manier wordt de taak beheersbaarder én leren de leerlingen om een leestaak strategisch aan te pakken.

Hoe doe je dat nu, een leestaak ondersteunen?

Voor het lezen

  • Activeer de voorkennis van je leerlingen: wat weten ze al over het onderwerp? Bouw bijvoorbeeld samen met je leerlingen een mindmap op.
  • Kijk samen met de leerlingen naar de uiterlijke kenmerken van de tekst. Neem samen de inhoudstafel door. Kijk naar titels, tussentitels en afbeeldingen. Bespreek uit welke bron de tekst afkomstig is. Bespreek klassikaal wat je uit deze uiterlijke kenmerken al kan afleiden over de inhoud van de tekst.
  • Zorg voor duidelijke en doelgerichte instructies. Waarom moeten de leerlingen deze tekst lezen? Wat moeten ze met de informatie doen? Neem samen met de leerlingen de opdrachten door voor ze beginnen te lezen.
  • Bespreek samen wat een goede aanpak van de leestaak kan zijn. Waar in de tekst zouden ze welke informatie kunnen vinden? Moeten ze de hele tekst grondig lezen of volstaat het om de tekst te scannen...

Tijdens het lezen

  • Splits een langere tekst op in meerdere stukken.
  • Bied de leerlingen een tekstkader of een ander format aan dat hen helpt om de structuur van de tekst te vatten.

Na het lezen

  • Zorg voor een reflectie- of vastzettingsmoment. Idealiter bevat dat moment 2 delen:
    • Ga in op de inhoud van de tekst en de opdrachten. Wat hebben ze geleerd uit het lezen? Wat kunnen ze met deze informatie doen?
    • Ga in op het leesproces. Wat vonden ze moeilijk? Hoe zouden ze een vergelijkbare taak in de toekomst anders kunnen aanpakken?

De volgende lessen illustreren hoe je een leesopdracht kan ondersteunen.

Verdieping

Klik HIER voor een tekst uit het focustraject G-kracht van het Centrum voor Taal- en Onderwijs (KU Leuven) over ondersteuning bieden bij geletterdheidstaken.

schrijven

5.7. Ondersteun leerlingen voor, tijdens en na het schrijven

Wat geldt voor lezen, geldt nog meer voor schrijven: heel wat leerlingen in het bso hebben een drempelvrees opgebouwd ten opzichte van schrijven. Ze hebben vaak al veel mislukkingservaringen achter de rug en gaan het schrijven daardoor uit de weg.

Als je wil dat je leerlingen die drempelvrees overwinnen én groeien met betrekking tot hun schrijfvaardigheid moet je hen ondersteuning bieden. Op die manier wordt de taak beheersbaarder én leren de leerlingen om een schrijftaak strategisch aan te pakken.

Hoe doe je dat nu, een schrijftaak ondersteunen?

Voor het schrijven

  • Bekijk samen met de leerlingen een modeltekst.
  • Bespreek samen met de leerlingen aan welke eisen het product zal moeten voldoen. Welk teksttype is het (een verslag, een stappenplan, een zakelijke e-mail, ...)? Wat is er typisch aan dat teksttype? Wie zal de tekst lezen? Wat vinden deze personen belangrijk? ...
  • Laat de leerlingen voor het schrijven de inhoud voorbereiden. Wat moet er in deze tekst komen? Waar vind ik die informatie? Bij voorkeur doen de leerlingen dit niet individueel, maar gebeurt deze stap in duo of klassikaal.
  • Laat de leerlingen voor het schrijven de structuur van de tekst voorbereiden. In welke volgorde komt de informatie aan bod? Ontwerp eventueel samen met de klas een bouwplan voor de tekst.
  • Geef de leerlingen op voorhand de checklist met evaluatiecriteria. Bespreek die ook klassikaal met de leerlingen.

Tijdens het schrijven

  • Bied je leerlingen een schrijfkader aan: een format dat hen helpt om een tekst met de verwachte opmaak en lengte te leveren.
  • Laat de leerlingen indien mogelijk op pc werken.
  • Laat de leerlingen gebruik maken van hulpmiddelen: woordenboek, spellingschecker, ...

Na het schrijven

  • Laat de leerlingen na het schrijven niet onmiddellijk hun tekst inleveren bij de leerkracht. Bouw eerst een reflectiemoment in. Deze reflectie bestaat idealiter uit twee delen:
    • Reflectie op het product
      • Geef leerlingen tussentijdse feedback op het product OF  laat de leerlingen elkaars product feedbacken. Gebruik hiervoor de checklist die je op voorhand met hen hebt gelezen. Geef geen feedback op andere criteria dan de criteria uit de checklist.
      • Laat de leerlingen hun tekst herwerken. Revisie is een belangrijke stap voor hun leerproces
    • Reflectie op het proces: wat verliep er goed? Hoe zou ik een vergelijkbare taak in de toekomst anders aanpakken? Wat heb ik uit deze opdracht geleerd?

De volgende les illustreert hoe je zo'n schrijfopdracht kan ondersteunen.

Verdieping

Klik HIER voor een tekst uit het focustraject G-kracht van het Centrum voor Taal- en Onderwijs (KU Leuven) over ondersteuning bieden bij geletterdheidstaken.

logo IE

5.8. Ondersteun ict-opdrachten

Als je de leerinhouden niet zelf doceert, maar de leerlingen de inhouden zelf laat ontdekken door hen een opzoekopdracht te laten uitvoeren op het internet, bouw je een functionele geletterdheidstaak in. MAAR groeien op die manier ook hun ict-vaardigheden? Dat is zeker niet noodzakelijk het geval. Alleen als je ict-opdrachten goed ondersteunt, dragen ze ook bij aan de geletterdheid van de leerlingen.

Enkele tips:

  • Oefen samen met de leerlingen op het formuleren van goede zoekvragen
  • Oefen samen met de leerlingen op het formuleren van goede zoektermen. Reik hen hiervoor tips aan: e.g. soms helpt het om je zoekterm in het Engels te formuleren.
  • Laat je leerlingen kennismaken met verschillende zoekmachines. Behalve Google is er bijvoorbeeld ook Yahoo, Teoma of Bing
  • Laat je leerlingen kennismaken met diverse manieren om links naar nuttige websites te bewaren. Naast 'mijn favorieten' zijn er ook delicious, diigo of furl.com.
  • Reik je leerlingen criteria aan om na te gaan of een internetbron betrouwbaar is. Oefen hen in kritisch omgaan met bronnenmateriaal.

De volgende lessen illustreren hoe je een zoekopdracht op het internet kan ondersteunen

Les PAV: een folder maken

Les Gezond en Wel: werken met de regionale sociale kaart

mindmap

5.9. Reik je leerlingen hulpmiddelen aan

Door je leerlingen hulpmiddelen aan te reiken, maak je de geletterdheidstaak beheersbaarder voor de leerlingen. Zo overwinnen ze drempels en zullen ze de kansen om aan hun geletterdheid te werken meer benutten.

Enkele voorbeelden van zulke hulpmiddelen:

  • Een mindmap of woordspin: om voorkennis te activeren en een brainstorm te structureren. Een voorbeeld uit een les Interieurzorg: huiselijke sfeer.
  • Een schrijfkader: biedt leerlingen een duidelijk beeld van de gewenste format en lengte voor een schrijftaak. Een voorbeeld uit een les PAV: een dagverslag schrijven.
  • Een stappenplan: helpt leerlingen om een geletterdheidstaak geleidelijk en gestructureerd aan te pakken. Een voorbeeld uit een les Textielzorg: keukenhanddoeken kast- en gebruiksklaar maken. Een tweede voorbeeld uit een les Interieurzorg: kamerplanten.
  • Afbeeldingen: de koppeling van woorden aan beelden is voor leerlingen bijzonder verhelderend. Een voorbeeld uit een les Maaltijdzorg: schaal- en schelpdieren.

Verdieping

Klik HIER voor een tekst uit het Focustraject G-kracht van het Centrum voor Taal en Onderwijs (KU Leuven) over hulpmiddelen bij geletterdheidstaken.

les hormonaal stelsel

5.10. Besteed aandacht aan woordenschat

De woordenschat die op school gebruikt verschilt sterk van de woordenschat die de leerlingen thuis gebruiken. Niet alleen heeft elk vak op school zijn eigen vaktaal die de leerlingen moeten verwerven, ook is de zogenaamde 'schooltaal' in instructies een stuk abstracter dan de thuistaal van de leerlingen.

De volgende tips kunnen je helpen om te vermijden dat de gebruikte woordenschat het verwerven van de leerinhouden in de weg staat.

  • Besteed aandacht aan schooltaal in instructies. Onderlijn bijvoorbeeld de werkwoorden in de instructies of plaats ze in het vet. Bespreek met de leerlingen wat je precies van hen verwacht wanneer ze bijvoorbeeld een begrip moeten kunnen toelichten of op een handeling moeten kunnen reflecteren. Een voorbeeld hiervan uit een les Integrale Opdracht: de aardappel.
  • Baken voor jezelf als leerkracht goed af welke vaktaalwoorden tot de leerinhoud van de les behoren. Expliciteer aan de leerlingen welke woorden  ze echt moeten kennen en toets ook alleen die woorden. Een voorbeeld uit een les Mechanica: meetklokken.
  • Bouw in je lessen speelse werkvormen in om de woordenschat van de les (vaktaalwoorden) in te oefenen en vast te zetten. Mogelijke werkvormen zijn een kruiswoordraadsel, een quiz of werken met kaartjes. Enkele voorbeelden
centrum voor taal en onderwijs

5.11. Kort maar krachtig

Binnen het Focustraject G-kracht van het Centrum voor Taal en Onderwijs) werd een korte poster ontwikkeld met 5 vuistregels voor een krachtige geletterdheidstaak. Hier volgen deze vuistregels.

  1. Creëer veel lees-en schrijfsituaties ten dienste van je vakdoelen.
  2. Maak het lezen schrijven functioneel door het te koppelen aan een  uitdagend en levensecht doel. (Meer uitleg)
  3. Laat de leerlingen samenwerken. (Meer uitleg)
  4. Geef de leerlingen ondersteunende hulpmiddelen. (Meer uitleg)
  5. Ondersteun voor, tijdens en na de taak (Meer uitleg)

Klik hier voor een poster die de vijf vuistregels overzichtelijk oplijst.

 

checklist

5.12. Verdieping

De lijst met vuistregels is kort maar krachtig. Voor wie meer verdieping wenst, ontwikkelden we een volwaardige checklist functionele geletterdheid. Hierin wordt de lijst met criteria uitgebreid en uitgediept.

Je kan op verschillende manieren aan de slag gaan met dit instrument

  1. Lerarenopleiders kunnen de checklist gebruiken om stagelessen te beoordelen op het krachtig inzetten van functionele geletterdheidstaken.
  2. Lerarenopleiders kunnen de checklist inzetten om hun studenten of collega’s inzicht te verschaffen in functionele geletterdheid.
  3. Leerkrachten en studenten in de lerarenopleidingen kunnen de checklist gebruiken om met een geletterdheidsbril naar hun eigen lessen te kijken en hun lessen te optimaliseren.

Klik hier om de checklist te bekijken.

 

5.13. Opdrachten bij stap 5

Klik HIER voor de opdrachten bij stap 5.